Einde derogatie kost €20.000 – €50.000 per jaar
Volledig onderzoeksrapportEinde derogatie kost €20.000 – €50.000 per jaar
Volledig onderzoeksrapport
In de afgelopen decennia is het landbouwkundig onderzoek in Nederland enorm versplinterd en uit elkaar gegroeid. En ja, boeren hebben vertrouwen in onderzoek, maar hun vertrouwen is niet onvoorwaardelijk. Ook sluit het onderzoek niet altijd goed aan op de urgente problemen waarmee boeren worstelen in de praktijk.
De initiatiefnemers van Crkls: Misset Uitgeverij, BO Akkerbouw, Wageningen University & Research, Aeres Hogeschool en Groen Kennisnet willen hier wat aan doen voor een toekomstbestendige landbouw in Nederland die nu voor grote uitdagingen staat.
Het kennisplatform Crkls wil het kaf van het koren scheiden en bewezen kennis gemakkelijk vindbaar maken voor boeren op een plek. De resultaten van alle onderzoeken en praktijkproeven in Nederland worden verzameld en door een onafhankelijke redactie beoordeelt en op een uniforme en compacte wijze gepubliceerd.
Onderzoeksinstituut: WUR, Koeien & Kansen
Locatie: Nederland
Periode: van 2022 tot 2024
Gefinancierd door: Min LNV en I&W, ZuivelNL
Status onderzoek: Afgerond
Bodemsoort: Divers
Diercategorie: Melkvee
Betrouwbaarheidsscore:
Toelichting bekijken
Ja(a)r(en) van onderzoek:
1
2
3
4
4+
Statistische onderbouwing:
Het onderzoek is niet statistisch onderbouwd.
Herhalingen:
Betrouwbaarheidsscore onderbouwing
Het onderzoek is meerjarig uitgevoerd zonder herhalingen. De resultaten bevatten geen statistische onderbouwing. Het is daarmee matig betrouwbaar.
De afbouw van de EU-derogatie plaatst melkveehouders voor grote uitdagingen. Dit onderzoek binnen het project Koeien & Kansen, onthult hoe melkveebedrijven inspelen op strengere mestnormen, wat dit betekent voor de bedrijfsvoering, kosten en het rantsoen – én welke kansen en strategieën ontstaan in een sector in beweging.
De afbouw van de EU-derogatie beperkt vanaf 2026 de plaatsing van dierlijke mest tot 170 kg N/ha. Dit onderzoek binnen Koeien & Kansen verkent de gevolgen voor melkveehouders, op basis van een enquête, een rondetafelgesprek en praktijkpilots op twee bedrijven.
De meeste bedrijven verwachten geen uitbreiding van het bedrijfsareaal; grond is schaars en duur. De veestapel blijft vaak gelijk, maar kan krimpen door hoge mestafvoerkosten of juist groeien om inkomsten te verhogen. Beweiding neemt meestal af om mest te verzamelen; GLB- en zuiveltoeslagen kunnen dit dempen.
Meer mestafvoer is onvermijdelijk; ruim 80% moet nieuwe afnemers vinden. Bijna de helft wil mestopslag vergroten. De bemestingsniveaus dalen, met meer focus op N-binding, efficiënter gebruik van dierlijke mest en extra kunstmest. RENURE wordt breed gezien als kans, afhankelijk van politieke goedkeuring en kosten.
Het aandeel bouwland, vooral maïs, groeit ten koste van blijvend grasland. Onkruiddruk en gebruik van gewasbeschermingsmiddelen kunnen toenemen door meer maïs en droogtestress. In het rantsoen neemt weidegras af, maar kuilgras en maïs nemen toe. Meer krachtvoer, vaak eiwitrijker, en bijproducten worden verwacht.
De bedrijfskosten stijgen fors, vaak met 20–50 duizend euro per jaar, vooral door mestafvoer en kunstmestaankoop. Opbrengstderving en hogere voerkosten versterken deze druk.
De afbouw van derogatie vraagt forse aanpassingen in bedrijfsvoering en investeringen. Bedrijven zoeken naar innovatieve strategieën om productie, mestbeheer en financiële haalbaarheid in balans te houden.
Met de Impactscore laten we zien op welke bedrijfsactiviteiten de onderzoekresultaten direct effect hebben. Een onderzoeksresultaat kan bijvoorbeeld leiden tot het gebruik van minder gewasbeschermingsmiddelen of minder meststoffen. Dat vermelden we met een korte toelichting.
Gezondheid bodem
Minder dierlijke mest verlaagt organische stof en voeding, wat bodemvruchtbaarheid en -structuur kan verslechteren.
Gebruik chemische middelen
Meer maïsteelt en droogtestress kunnen het gebruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen verhogen.
Uitspoeling meststoffen
Meer kunstmestgebruik en veranderde bemestingstiming kunnen de uitspoeling van meststoffen naar water vergroten.
Uitstoot ammoniak
Minder weidegang en meer mestopslag kunnen de ammoniakuitstoot op bedrijven vergroten.
Uitstoot broeikasgassen
Aanpassingen in rantsoen, mestbeheer en teelt kunnen de uitstoot van broeikasgassen verhogen.
Kosten
Kosten stijgen fors door extra mestafvoer, kunstmestaankoop en hogere voeruitgaven.
Gebruik geneesmiddelen
Meer staluren en minder weidegang kunnen het gebruik van diergeneesmiddelen, zoals antibiotica, verhogen.
Dierenwelzijn
Minder weidegang kan natuurlijk gedrag beperken en gezondheidsrisico’s voor melkvee vergroten.
Biodiversiteit
Meer maïsteelt en minder blijvend grasland kunnen de biodiversiteit op en rond het bedrijf verminderen.
Financiële opbrengst
Hogere mestafvoer- en kunstmestkosten drukken de winstgevendheid en verhogen de kostprijs per kilo melk.
Het onderzoek is meerjarig uitgevoerd zonder herhalingen. De resultaten bevatten geen statistische onderbouwing. Het is daarmee matig betrouwbaar.
Bedrijfskosten
Derogatie
Kunstmest
Mestafzet