Vergelijkbare melkproductie mét en zonder kalf bij koe

| Project update

Vergelijkbare melkproductie mét en zonder kalf bij koe

Maatschappelijk is er de wens om het kalf langer bij de koe te houden. Maar kost dat geen melk? Foto: Mark Pasveer

Over Crkls

In de afgelopen decennia is het landbouwkundig onderzoek in Nederland enorm versplinterd en uit elkaar gegroeid. En ja, boeren hebben vertrouwen in onderzoek, maar hun vertrouwen is niet onvoorwaardelijk. Ook sluit het onderzoek niet altijd goed aan op de urgente problemen waarmee boeren worstelen in de praktijk.


De initiatiefnemers van Crkls: Misset Uitgeverij, BO Akkerbouw, Wageningen University & Research, Aeres Hogeschool en Groen Kennisnet willen hier wat aan doen voor een toekomstbestendige landbouw in Nederland die nu voor grote uitdagingen staat.


Het kennisplatform Crkls wil het kaf van het koren scheiden en bewezen kennis gemakkelijk vindbaar maken voor boeren op een plek. De resultaten van alle onderzoeken en praktijkproeven in Nederland worden verzameld en door een onafhankelijke redactie beoordeelt en op een uniforme en compacte wijze gepubliceerd.


Meer over Crkls

Ga naar de inhoud
author_image
Rochus Kingmans
14 oktober 2026

In ‘kalf-bij-de-koe’-systemen is de totale melkproductie van koeien tijdens de zoogperiode van drie maanden vergelijkbaar met die van koeien zonder zogend kalf. Dat blijkt uit onderzoek van de Zweedse Landbouwuniversiteit in samenwerking met Wageningen Universiteit, waarin de melkproductie op twee manieren werd geschat.

Omdat kalveren in ‘kalf-bij-de-koe’-systemen vaak onbeperkt kunnen zogen, komt een deel van de melk niet in de melktank terecht. De opbrengst in de melktank geeft daarom een vertekend beeld van de werkelijke melkproductie. In het onderzoek werd de totale melkproductie geschat op basis van (1) energie-opname van de koe, en (2) groei van het kalf, gecombineerd met een afgeleide melkconsumptie door kalveren.

De methode die uitgaat van de energie-opname van de koe bleek de melkproductie te onderschatten. Dat komt waarschijnlijk doordat koeien een negatieve energiebalans hebben en lichaamsreserves aanspreken gedurende de eerste maanden van de lactatie. De methode op basis van kalvergroei gaf een realistischer beeld: de geschatte melkproductie van controlekoeien kwam overeen met de gemeten melkproductie. Daarom kan worden aangenomen dat deze methode om melkproductie te schatten ook een goede weergave geeft van de werkelijke melkproductie van ‘kalf-bij-de-koe’-koeien.

Kalf drinkt 15 kg

De melkopname van ‘kalf-bij-de-koe’-kalveren werd geschat op gemiddeld 15 kg per dag gedurende de eerste 13 weken. Hierdoor kwam er in dit systeem minder melk in de tank terecht dan in het controlesysteem zonder kalf bij de koe. Dit verschil in tankmelk wordt dus grotendeels verklaard door de directe melkconsumptie van het kalf. Tegelijkertijd groeiden ‘kalf-bij-de-koe’-kalveren sneller dan controlekalveren, zoals eerder al in aangetoond.

Inzicht in totale melkproductie is belangrijk voor een eerlijke en betere vergelijking van systemen. Het vormt bovendien de basis voor economische en milieuanalyses, doordat het de verdeling van melk tussen opname door het kalf en verkoop kwantificeerbaar maakt.

Meer weten?

Wil je meer weten? Op de website van CRKLS staan onder het thema ‘diergezondheid en dierenwelzijn’ meerdere ‘factsheets’ gewijd aan onderzoeken van kalf bij de koe.