Maisteeltsysteem met strookbewerking door Striptiller het beste
Volledig onderzoeksrapportMaisteeltsysteem met strookbewerking door Striptiller het beste
Volledig onderzoeksrapport
In de afgelopen decennia is het landbouwkundig onderzoek in Nederland enorm versplinterd en uit elkaar gegroeid. En ja, boeren hebben vertrouwen in onderzoek, maar hun vertrouwen is niet onvoorwaardelijk. Ook sluit het onderzoek niet altijd goed aan op de urgente problemen waarmee boeren worstelen in de praktijk.
De initiatiefnemers van Crkls: Misset Uitgeverij, BO Akkerbouw, Wageningen University & Research, Aeres Hogeschool en Groen Kennisnet willen hier wat aan doen voor een toekomstbestendige landbouw in Nederland die nu voor grote uitdagingen staat.
Het kennisplatform Crkls wil het kaf van het koren scheiden en bewezen kennis gemakkelijk vindbaar maken voor boeren op een plek. De resultaten van alle onderzoeken en praktijkproeven in Nederland worden verzameld en door een onafhankelijke redactie beoordeelt en op een uniforme en compacte wijze gepubliceerd.
Onderzoeksinstituut: Louis Bolk Instituut, WUR
Locatie: De Moer
Periode: van 2012 tot 2019
Gefinancierd door: Min. LNV, Topsector Agri & Food, Water & Maritiem
Status onderzoek: Afgerond
Bodemsoort: Zand
Diercategorie: Melkvee
Betrouwbaarheidsscore:
Toelichting bekijken
Ja(a)r(en) van onderzoek:
1
2
3
4
4+
Statistische onderbouwing:
Het onderzoek is statistisch onderbouwd.
Herhalingen:
Betrouwbaarheidsscore onderbouwing
Het onderzoek is meerjarig uitgevoerd met herhalingen. Het onderzoek is statistisch onderbouwd. Het onderzoek is zeer betrouwbaar.
In een acht jaar durend veldexperiment zijn zes maisteeltsystemen op zand met elkaar vergeleken. Vergeleken met de gangbare maisteelt mét kerende ploegbewerking (CT) had het maisteeltsysteem (ST) met de gereduceerde grondbewerking in stroken (met Striptiller) een vergelijkbare maïsopbrengst, het hoogste aantal regenwormen en het hoogste organisch stofgehalte in de bovenlaag.
• Bij ernstige bodemverdichting op verdichtingsgevoelige bodems is een gangbare grondbewerking (ploegen) aan te raden met een kortseizoen-maïsteelt afgewisseld met een verlengde groenbemestersteelt (CT-verlengd).
• Na acht jaar maïsteelt op zand was er geen verschil in organisch stofgehalte en totaal koolstofgehalte in de hele laag van 0 tot 30 cm bij alle zes maïsteeltsystemen.
• Wel was bij de vier systemen met gereduceerde grondbewerking het organisch stofgehalte het hoogst in de bovenlaag van 0 tot 15 cm in tegenstelling tot het gangbare systeem (CT en CT-verlengd), waarbij het organisch stofgehalte in de laag van 15 tot 30 cm het hoogst was.
• NT (niet-bewerkt) leidde tot een lagere maïsopbrengst vergeleken met gangbare grondbewerking (CT), mogelijk door suboptimale fysische bodem omstandigheden en de techniek van rechtstreeks zaaien.
• Zowel bij het ST-systeem (strookbewerking) als bij het NKG-systeem (niet-kerende grondbewerking) was de maïsopbrengst vergelijkbaar ten op zichtte van het gangbare systeem met kerende ploegbewerking (CT).
• ST (strookbewerking) en NT (niet bewerkt) is gunstig voor de regenwormenpopulatie, in tegenstelling tot de nadelige effecten van kerende ploegbewerking (CT) en ook NKG had geen positief effect op regenwormen.
Maïs (Zea mays L.) is het meest voorkomende akkerbouwgewas op zand in Nederland en wordt vaak na tijdelijk grasland meerdere jaren achtereen geteeld. Om in de maisteelt te zorgen voor behoud van bodemstructuur, organische stof (OS) en bodemleven kan een verminderde bewerkingsintensiteit in combinatie met een (verlengde) groenbemestersteelt een oplossing zijn. Hierbij streeft men naar een vergelijkbare maïsopbrengst.
De effecten onderzoeken van verschillende maïsteeltsystemen met verminderde bewerkingsintensiteit in combinatie met een (verlengde) groenbemestersteelt op bodemstructuur, organische stof (OS) en bodemleven ten opzichte van de gangbare maïsteelt met ploegen.
Het experiment bestond uit zes maïsteeltsystemen in een gerandomiseerd blokontwerp met vier herhalingen (blokken) en duurde acht jaar (2012–2019). De veldjes waren 18 bij 6 meter met 75 cm rijbreedte.
De zes maïsteeltsystemen:
Winterrogge-voorvrucht werd in april chemisch gedood, vóór het zaaien van maïs begin mei (behandelingen CT, NKG, ST en NT).
NKG, ST en NT en ST-verlengd zijn met gereduceerde grondbewerking.
CT-verlengd en ST-verlengd zijn een alternatief maïsteeltsysteem met een verlengde winterrogge–wintererwt-voorvrucht die werd geoogst in de tweede helft van mei, vóór het zaaien van maïs eind mei.
In alle maïsteeltsystemen is het onkruid met herbiciden bestreden.
Op basis van de resultaten uit dit onderzoek is de aanbeveling strokenbewerking voor maïsteeltsystemen op Nederlandse zandgronden. In het geval van ernstige verdichting op verdichtingsgevoelige bodems is de aanbeveling gangbare grondbewerking (ploegen) in combinatie met verlengde groenbemesters met een kortdurende maïsteelt met een speciaal maïsras voor dit doel.
Met de Impactscore laten we zien op welke bedrijfsactiviteiten de onderzoekresultaten direct effect hebben. Een onderzoeksresultaat kan bijvoorbeeld leiden tot het gebruik van minder gewasbeschermingsmiddelen of minder meststoffen. Dat vermelden we met een korte toelichting.
Gezondheid bodem
De bodemgezondheid nam toe door de strokenteelt (ST) en NT (niet-bewerkt), deze hadden de hoogste aantallen regenwormen.
Gebruik chemische middelen
In CT-verlengd en ST-verlengd werden de groenbemesters niet chemisch gedood.
Biodiversiteit
Strookbewerking (ST) en NT (niet-bewerkt) hadden gunstige effecten op de toename van de regenwormenpopulatie, daarom kunnen ze ook gunstige effecten hebben op andere biologische bodemkenmerken (bodembiodiversiteit).
Het onderzoek is meerjarig uitgevoerd met herhalingen. Het onderzoek is statistisch onderbouwd. Het onderzoek is zeer betrouwbaar.
Mais
Niet Kerende Grondbewerking
Strokenbewerking